Jan Willem Pas

Jan Willem Pas door Gerard Lemmens

Het naar de afmetingen gezien grootste werkstuk dat bekend is van een Nijmeegse zilversmid, is dit luxueuze pièce de résistance voor een eetkamerbuffet. Het diende als koelvat voor bij een diner gebruikte wijnglazen. De vaas met het kraantje bevatte ijswater, daarmee werden de glazen in de bak gespoeld.

Klassieke vormentaal

In dit kostbare materiaal uitgevoerde exemplaren zijn altijd zeldzaam geweest en in ons land zijn er nog slechts enkele van bewaard gebleven. Dit stel is uitgevoerd in de mode-stijl van het eind van de 18de en het begin van de 19de eeuw, die parallel aan de politieke gebeurtenissen in West-Europa afwisselend als 'Lodewijk XVI-' of 'Empire-stijl' wordt aangeduid. Daarin is de invloed van de door de opgravingen van Herculaneum en Pompeii bekend geworden klassieke vormentaal een van de hoofdelementen, gepaard aan voorliefde voor het sobere en monumentale. De vaas van ons stel speelt met het klassieke amfora-model; de bak vertegenwoordigt de robuuststrakke smaak. Van de maker ervan, Jan Willem Pas, die vanaf 1792 als meester in Nijmegen werkte, is uitsluitend werk in deze stijl bekend. Het is niet onwaarschijnlijk dat hij zijn ambacht buiten de stad bij een belangrijk meester geleerd had, in Den Haag of Amsterdam.

Geschenk voor de burggraaf

Vanaf het begin is hij degene aan wie de stad opdrachten voor officiële eregeschenken gaf - zoals in 1807 aan Hendrik Hoogers voor zijn Valkhofprenten. Ook het koelvat was een geschenk van de stad, en wel aan de burggraaf van het Valkhof, de aanvankelijk door de hertogen, later door het provinciaal bestuur in de persoon van de stadhouder benoemde beheerder van de burcht en hoogste rechterlijke autoriteit in het Rijk van Nijmegen. De man die in 1788 burggraaf was en tegelijk ook burgemeester, Jan Elias baron van Lijnden, wist van stadhouder Willem V, met wie hij bevriend was en wiens gastheer hij in 1786-1787 bij zijn vlucht uit Holland naar Nijmegen geweest was, gedaan te krijgen dat deze de zeer winstgevende positie van postmeester van het briefverkeer voor de toekomst aan de Raad van de stad Nijmegen toewees. Een douceurtje van vele duizenden guldens per jaar, waarvan 800 gulden toekwam aan degene die het echte werk deed, de postcommies!

Familiebezit

Om Van Lijnden te bedanken bedacht de stad het zilveren cadeau, dat de begunstigde door voortijdig overlijden niet meer in ontvangst heeft kunnen nemen, reden waarom men het aan zijn broer Jacob Carel van Lijnden overhandigde, zijn opvolger als burggraaf (en in 1794 ook burgemeester). Korte tijd heeft het zilveren stel in de eetzaal van de grafelijke vleugel van het Valkhof gestaan maar bij de komst van de Fransen is het naar het familieslot van de Van Lijndens in Hemmen overgebracht dat in 1944 volledig is afgebrand.

Deze tekst en aanvullende gegevens zijn te vinden in Van Trajanus tot Tajiri - collectie Museum Het Valkhof, Nijmegen 2009, ISBN 978 90 6829 094 3.