Frans Franciscus

Frans Franciscus door Daan Van Speybroeck

Een vreemd tafereel deze Venerdì tredici en de titel - Vrijdag de dertiende - belooft weinig geluk, maar wie het werk van Frans Franciscus enigszins kent, schrikt niet zo gauw! Op het schilderij is onder een dreigende lucht met bliksemschicht en met de vuurspuwende berg op de achtergrond, een ernstig gewonde man te zien.

Italiaanse film

Misschien is hij stervend of al overleden. Hij wordt ondersteund door een vrouw aan de ene kant en een man aan de andere kant. Zij, met sjaaltje om het hoofd, lijkt wel uit een Italiaanse film te zijn weggelopen: een vamp. Hij, in eerder militaristische plunje, draagt intussen slippers, terwijl de modieuze zonnebril in zijn hand beslist niet de zijne is. Centraal staat het slachtoffer van een roofoverval. Op de grond verspreid, liggen een pakje sigaretten, een mobiele telefoon, autosleutels en een portefeuille waar het kleingeld is uitgerold. Met kranten als zwerfvuil op het plein waar het gebeurde.

Enerverende ontmoeting

De geopperde hypothese van roof komt bij nader inzien op losse schroeven daar het om een travestiet blijkt te gaan: nylonkousen opgehouden met jarretels, muiltjes met hoge hak en in de hand een pruik die alles weg heeft van een zonnebloem. En een tatoeage op de arm: love mother father op een banderol om een met dolk doorstoken hart. Een afrekening dus of een passioneel drama, niet zonder theatraliteit verbeeld. De vele sigarettenpeuken op de grond wijzen erop dat eerst een even lange als enerverende ontmoeting heeft plaatsgevonden. Hoe dan ook is er gevochten, waarbij met de kapotte fles thans op de grond, waarschijnlijk de lukrake verwondingen zijn toegebracht. Dit alles is pas gebeurd, want het bloed vloeit nog langs de arm en uit de mond. Is een en ander misschien uit de hand gelopen? Trachten de betrokkenen ná de uitbarsting de brokken te lijmen? In de opengevallen portefeuille op de grond zit een identiteitskaart, en de man op die foto lijkt eerder op de helper dan op het slachtoffer. Was hij dan zelf bij de vechtpartij betrokken?

Ambiguïteit

Het tableau wordt met het moment complexer. Het roept de herinnering op aan een soortgelijk tafereel: Decoronation, an allegory on violence van Frans Franciscus uit 2003. Daar wordt een travestiet - met pruik, jarretels en hoge schoenen - door twee on-Hollands uitziende mannen aangevallen, duidelijk om hem te beroven. In beide schilderijen liggen zowat dezelfde spullen verspreid op de grond. Werd het doek uit 2003 al te gauw als een aanklacht tegen buitenlanders geïnterpreteerd? Geeft de kunstenaar thans uiting aan een veralgemeende oprukkende gewelddadigheid? Want de stedelijke enigszins verloederde buurt uit het eerste doek, is thans een plein midden in Syracuse op Sicilië. Is het om dit alles dat de kunstenaar het thema in een meer christelijke context heeft hernomen? Het zou geen ware Frans Franciscus zijn zonder referentie naar oude meesters: houdingen uit de Lamentatie van Anthony van Dyck worden hier eigentijds geciteerd. Allegorie? Weeklacht? Barmhartige Samaritaan? Alles kan zomaar in zijn tegendeel veranderen. En dit terwijl 'ik verzeker jullie, alles wat je voor één van deze minste broeders van Mij hebt gedaan, heb je voor Mij gedaan' (Mt 25,40) met even veel ambiguïteit als humor in het schilderij doorklinkt.

Deze tekst en aanvullende gegevens zijn te vinden in Van Trajanus tot Tajiri - collectie Museum Het Valkhof, Nijmegen 2009, ISBN 978 90 6829 094 3.