Elizabeth de Vaal

Elizabeth de Vaal door Maryan Schrover

Het schilderij valt op door zijn vrolijke kleuren. Het toont een lichte, blauwgroene auto tegen een kleurrijke achtergrond. De centrale positie van de auto, schuin van voren gezien, en de vlakken op de achtergrond, in combinatie met de titel, doen denken aan een presentatie zoals in een autoshowroom.

Dubbele grille

Tegelijkertijd is er meer te zien. De speelse kleuren, eerder die van een snoepwinkel, verwacht je niet direct bij de presentatie van een auto. Het voertuig zelf is niet de snelle, glanzende, krachtige machine in de precieze uitvoering die de titel van het schilderij suggereert. Alleen de echte Pontiac-kenner herkent mogelijk de met expressieve, felgele vegen aangeduide dubbele grille. Deze Pontiac lijkt niet te rijden of te staan, maar te zweven. Ook het perspectief valt op: de diepte van het schilderij wordt alleen gecreëerd door de schuine hoek waarin de Pontiac gepresenteerd wordt. De achtergrond zelf is helemaal vlak, opgebouwd uit kleurvlakken en banen die achter de auto doorlopen. Linksboven begint een lijnenspel dat iets van diepte suggereert, omdat het patroon zich tussen de auto en de tweedimensionale achtergrond lijkt te bevinden. Die achtergrond is dominant in beeld en vraagt meer aandacht dan het hoofdmotief. In de ingekleurde vlakken zijn vervaagde tekens te zien. Verschillende verflagen zijn over elkaar gezet, soms dekkend, meestal is de laag eronder nog zichtbaar. In tegenstelling tot de auto toont de achtergrond geen herkenbare voorstelling. Terwijl die achtergrond juist met meer details is opgezet, is de auto 'vluchtiger' en met vaart geschilderd, in grote, snelle streken. Toch vormt deze juist het aanknopingspunt om ook de achtergrond betekenis te geven.

Pontiac in huis

Met zijn ongewone tegenstellingen verleidt het schilderij de toeschouwer tot een herhaaldelijk heen en weer kijken tussen de auto en de achtergrond. Het gewone kijken wordt ontregeld.Elizabeth de Vaal neemt een element uit ons dagelijks leven en haalt het uit de bestaande context. Voor dit schilderij maakte ze gebruik van een advertentie voor een Pontiac in een huis-aan-huisblad. De auto, belangrijk symbool in onze samenleving, komt los uit de gewone werkelijkheid en wordt een decoratief element in een nieuwe omgeving. Het object zelf is daarbij niet van wezenlijk belang; het silhouet wordt anoniem. Zulke geabstraheerde elementen, ontdaan van hun karakteristieken, worden door de kunstenares geplaatst in een eigen wereld, met kleuren die 'vreemd' zijn aan het onderwerp.

Zoektocht

Een schilderij is ook voor Elizabeth de Vaal zelf een zoektocht. In dit geval heeft ze eerst de achtergrond geschilderd en daarna het werk gekanteld, wat nog te zien is aan de (nu) horizontale druppellijnen van de verf. Het is een schilderij waarin nieuwe fases van onderzoek te zien zijn, een sleutelwerk. Dat netwerk komt bijvoorbeeld terug in haar latere werk, en de blokverdeling ook. De auto op deze schaal is nieuw; er volgt een periode van meer dan tien jaar waarin auto's regelmatig figureren op haar schilderijen. Steeds verder uitgekleed en ook platter: uiteindelijk vormt de contour van een auto het kader waarbinnen de kunstenares zich uitdrukt. Meerdere reeksen heeft zij geschilderd, bijvoorbeeld torso's, paddenstoelen, en gezichten, vanuit een fascinatie voor het onderwerp en de vraag hoe dit uit te beelden.'Schilderen kun je niet leren', is een uitspraak van Elizabeth de Vaal. Toch heeft ze twintig jaar les gegeven aan de Academie voor Beeldende Vorming in Tilburg. De manier waarop ze haar docentschap beschrijft vertelt ons iets over haar eigen werkwijze: ze wilde de studenten vooral begeleiden bij het stellen van hun eigen vragen. Een goede opleiding stimuleert de studenten bij het ondernemen van hun eigen unieke zoektocht. 'Zoektocht' is hier het sleutelwoord. Elizabeth de Vaal legt zich niet vast op één stijl, onderwerp of medium. Het gaat haar duidelijk niet om de afbeelding op zich. Ieder werk tracht een beeldend antwoord te zijn op een fundamentele vraag. De betekenistoekenning ligt bij de beschouwer.

Deze tekst en aanvullende gegevens zijn te vinden in Van Trajanus tot Tajiri - collectie Museum Het Valkhof, Nijmegen 2009, ISBN 978 90 6829 094 3.

Voorwerpen