Een grote bronzen ketel

Een grote bronzen ketel door Annelies Koster

Bij opgravingen in 1993 aan de Gerard Noodtstraat in het centrum van Nijmegen, waar in de Romeinse tijd de hoofdplaats van de Bataven Oppidum Batavorum heeft gelegen, werd in een houten kelder van een huis een grote bronzen ketel gevonden.

Klinkverbindingen

Het Oppidum Batavorum dat moest dienen als bestuurlijk centrum voor het hele Bataafse gebied, had waarschijnlijk moeten uitgroeien tot een echte stad, maar door de opstand van de Bataven in 69-70 na Chr. ging dat niet door. In 70 staken de Bataven de nederzetting zelfs in brand en gingen houten huizen en kelders in vlammen op. Tijdens of kort voor de opstand is de bronzen ketel in de kelder terecht gekomen en door verbrande resten van het huis afgedekt. De ketel is vervaardigd uit dunne platen bronsblik, die met kleine klinknageltjes aan elkaar zijn gezet. De bodem is uit één plaat gedreven; de opstaande wand is samengesteld uit twee platen die elkaar aan de uiteinden overlappen en aan elkaar zijn verbonden door drie rijen klinkverbindingen. De rand is versterkt met een ijzeren ring, die op het bronsblik vast is gesmeed.

180 liter soep?

Daaronder hangen aan weerszijden zware ijzeren ringen; zij rusten tegen twee ijzeren knoppen die in de wand zijn bevestigd. Aan deze ringen kon men de ketel aan een ijzeren ketting boven een open vuur hangen om er gerechten of dranken in te bereiden. De inhoud van de ketel bedraagt ca. 210 liter. Dat betekent dat er effectief zo'n 180 liter in kon. Dergelijke grote bronzen ketels zijn van oorsprong vóór-Romeins en zijn vooral bekend uit het Gallische gebied, waar zij onder meer voorkomen in zeer rijke graven uit het einde van de 1ste eeuw voor Chr. De klinkverbindingen die gebruikt zijn om deze ketels in elkaar te zetten wijzen erop dat zij in Keltische ateliers zijn gemaakt. Maar waar die werkplaatsen lagen is nog moeilijk te zeggen.Blijkbaar waren dergelijke ketels zo praktisch dat zij ook in de eeuwen daarna nog werden gemaakt en gebruikt.

Snackbar

Een vergelijkbare ketel is in 2006 gevonden in een andere kelder in het Oppidum Batavorum, bij een opgraving in de Hertogstraat. In die ketel lagen vier kookpotten, twee steelpannen en een bord van brons en bovendien een ijzeren speerpunt; ernaast een set maalstenen van een handmolen waarmee graan kon worden gemalen. Het gaat hier duidelijk om de inventaris van een keuken. Het formaat van de grote ketels duidt erop dat zij eerder gebruikt zijn in gaarkeukens of een keuken van een 'snackbar' dan in die in een privé-huis. Waarschijnlijk is het bronzen vaatwerk met opzet in de kelders opgeborgen, om te voorkomen dat het tijdens de gevechten om het Oppidum Batavorum in 70 na Chr. door één van de strijdende partijen, Romeinen of Bataven, als buit zou worden meegenomen.

Deze tekst en aanvullende gegevens zijn te vinden in Van Trajanus tot Tajiri - collectie Museum Het Valkhof, Nijmegen 2009, ISBN 978 90 6829 094 3.

Voorwerpen