culemborgse-stoel

Zit u er ook wel eens op?

Hoewel er in de late Middeleeuwen al stoelen in Culemborg werden gemaakt, ligt de grote bloeiperiode in de negentiende eeuw. Hout was er in de omgeving voldoende te vinden en ook arbeidskrachten waren, na het teruglopen van de zijdelintindustrie en het sluiten van de geweerfabriek, ruim voorhanden. In 1838 is de stoelenmakerij het voornaamste middel van bestaan van de 'mindere volksklasse'. Zo'n 800 inwoners, op een totaal van 4300, verdienen er hun brood mee.

Het basismodel van de Culemborgse stoel vond zijn oorsprong in de Biedermeier tijd. De stoel staat op sabelpoten, heeft gedraaide sporten en het zitraam is gedekt met een biezen mat. De arbeid was sterk onderverdeeld in allerlei handelingen. Zo waren er schulpers, zagers, reemakers, draaiers, blokwerkers en matters. Met tienduizenden produceerden de Culemborgers de stoelen. Ze stonden overal: in de kerk, de concertzaal en natuurlijk in huis. De Culemborgse stoel werd een begrip.

Voorwerpen