Al die aen de wandt pist…

Al die aen de wandt pist… door door Nederlands Openluchtmuseum

‘Heilige der Heiligen’, ’Dag der Dagen’: het zijn bekende gezegden in de Nederlandse taal, afkomstig uit een Bijbelvertaling van bijna vierhonderd jaar geleden. Deze zogenoemde Statenvertaling was de eerste officiële Nederlandstalige Bijbelvertaling, die rechtstreeks terugvoert op de oorspronkelijke tekst. Het Oude Testament werd vertaald uit het Hebreeuws en Aramees en het Nieuwe Testament uit het Grieks. De opdracht voor de vertaling kwam in 1618 van de Synode van Dordrecht, een vergadering van Gereformeerde kerkleiders. Vanaf 1637 kwam deze nieuwe vertaling op de markt. De Statenvertaling dankt zijn naam aan de Staten-Generaal, die de kosten van de vertaling voor hun rekening namen.

Veel mensen denken dat de Statenbijbel aan de basis staat van het Standaardnederlands zoals we dat nu spreken. Uit nieuw onderzoek blijkt dat de invloed van de Statenvertaling op onze taal een beetje overschat is. Door de Statenvertaling zijn wel veel Duitse leenwoorden in het Nederlands opgenomen. De Nederlandse Bijbelvertalingen die tot dan toe in omloop waren, hadden namelijk Duitstalige voorgangers. Hierdoor waren de bijbellezers in de zeventiende eeuw al vertrouwd geraakt met Duitse leenwoorden.

In veel orthodox-protestantse kerkgenootschappen is de Statenvertaling nog steeds de enige geaccepteerde vertaling. Er wordt nog dagelijks uit gelezen. Onveranderlijk is de Statenvertaling overigens niet. Door het veranderende taalgebruik worden voortdurend kleine aanpassingen doorgevoerd. De lezer van 2015 zal sommige passages uit de oorspronkelijke editie van 1637 niet direct herkennen. Een bekend voorbeeld is de passage uit 2 Koningen 9:8, waarin oorspronkelijk te lezen was: ‘ende ick sal van Achab uytroeyen dien, die aen de wandt pist’. Het laatste zinsdeel werd in de loop van tijd vervangen door het wat minder expliciete ‘al wat mannelijk is’.

In de collectie van het Nederlands Openluchtmuseum zijn voorwerpen te vinden die zowel direct als indirect met de Statenvertaling te maken hebben. Zo bevinden zich in de collectie verschillende Statenbijbels, maar ook prenten, foto’s en dia’s van mensen die in hun bijbel lezen. Er zijn echter ook voorbeelden van afbeeldingen van Bijbelse taferelen op dagelijkse gebruiksvoorwerpen, zoals wandtegels en papierknipsels. Het hier afgebeelde knipsel in een lijst dateert uit 1805 en bestaat uit vier Bijbelse voorstellingen: het laatste avondmaal, Gethsemane, de gevangenneming van Christus en de presentatie van Christus aan Pilatus.

Voorwerpen