Plankjeskant, Zuid-Beveland

Stofstaal van een zogenaamd 'zijstuk' of 'onderkant' voor een muts. Deze strook is vervaardigd van geborduurde tule. Bij het borduren werd de tule over een plank gespannen, vandaar dat dit soort kant wel 'plankjeskant' werd genoemd. De motieven werden gebaseerd op handgekloste kanten. Katholieke Zuid-Bevelandse vrouwen hadden een voorkeur voor sterk gestileerde motieven met hoekige vormen. De Zuid-Bevelandse Katholieke vrouwenmuts bestaat uit verschillende onderdelen. Aan de 'achtermuts' van effen batist of fijne katoen worden drie kantstroken gezet, achtereenvolgens de 'pluumkant', de 'kant' en de 'punt'. Langs de korte kant van deze drie kantstroken komt aan weerszijden een 'zijstuk' of 'onderkant'.

soort staal (monster)
vervaardiger onbekend
locatie onbekend
materiaal tule
techniek tuleborduurwerk
afmetingen hoogte 15.5 cm
lengte 26 cm
trefwoorden muts, vrouwenkleding, streekdracht, katholieke dracht
nummer ST 0288
instelling Nederlands Openluchtmuseum
stel een vraag of reageer