Stofstaal van 'reep' of 'kant' van 'plankjeskant' voor muts, Zuid-Beveland

Stofstaal van een zogenaamde 'reep' of 'kant' voor een muts. Deze strook is vervaardigd van geborduurde tule. Bij het borduren werd de tule over een plank gespannen, vandaar dat dit soort kant wel 'plankjeskant' werd genoemd. De motieven werden gebaseerd op handgekloste kanten. Katholieke vrouwen hadden een voorkeur voor sterk gestileerde motieven met hoekige vormen. De zogeheten 'reep' of 'kant'is een onderdeel van de katholieke Zuid-Bevelandse vrouwenmuts. Aan de 'achtermuts' van effen batist of fijne katoen worden drie kantstroken gezet, achtereenvolgens de 'pluumkant', de 'reep' of 'kant' en de 'punt'. Langs de korte kant van deze drie kantstroken komt aan weerszijden een 'zijstuk' of 'onderkant'.

soort staal (monster)
vervaardiger onbekend
locatie onbekend
materiaal katoen, versierde tule, tule
techniek tuleborduurwerk
afmetingen hoogte 11 cm
breedte 40 cm
15.5 cm
trefwoorden muts, streekdracht, katholieke dracht, vrouwenkleding
nummer ST 0193
instelling Nederlands Openluchtmuseum
stel een vraag of reageer